39 lines
1016 B
Plaintext
39 lines
1016 B
Plaintext
Een schim onder zijn hoedrand
|
|
Die in zichzelf praat
|
|
Ik zal goed voor je zijn
|
|
Als tijd niet bestaat
|
|
En de barman vraagt cynisch
|
|
Wil je ijs bij je tranen?
|
|
Het hagelt katten op de ruit
|
|
En de wind klinkt als Wagner
|
|
De dronkaard zwalkt tussen ooit en toen
|
|
|
|
Liefde, mijn liefde
|
|
Ik wil je, ik wil je
|
|
Ik wil je wild, ik wil je traag
|
|
Jouw lach, jouw seks en jouw zoen
|
|
En al dat soort dingen die mensen doen
|
|
Als tijd niet bestaat
|
|
|
|
Een gezicht als een gedicht
|
|
Je haar morst op mijn borst, als je me kust
|
|
Geeft je lichaam licht
|
|
Maar alle hoop is hier een waan
|
|
Tussen vloeken en gebeden
|
|
Geeft de dronkaard zijn dromen en zijn verleden
|
|
Als een wijze les aan vreemden
|
|
Ik wend mijn blik af en ik denk aan:
|
|
|
|
Liefde, mijn liefde
|
|
Ik wil je, ik wil je
|
|
Ik wil je wild, ik wil je traag
|
|
Jouw lach, jouw seks en jouw zoen
|
|
En al dat soort dingen die mensen doen
|
|
Als tijd niet bestaat
|
|
|
|
Liefde, mijn liefde
|
|
Ik wil je, ik wil je
|
|
Dronken en naakt
|
|
Tot ons kreunen verdwaalt in een zoen
|
|
En al dat soort dingen die mensen doen
|
|
Als tijd niet bestaat |